Column: ONVERWOESTBAAR (II)

In mijn vorige column heb ik ter illustratie particulieren (kijkend naar een schuurbrandje) en scheepsslopers in India gebruikt. Twee uitersten binnen een scala van mogelijkheden om in aanraking te komen met asbest. De meeste mensen zullen gedurende hun leven betrekkelijk weinig met deze stof te maken krijgen. Zeker als je het asbest buiten beschouwing laat dat wordt aangetoond in het drinkwater en in de lucht die we inademen. Langzamerhand verdwijnen de meeste asbesthoudende producten als oude koffiezetapparaten, golfplaten daken en leidingen in het afvalstadium. De risicogroepen zijn dan ook met name te vinden onder bepaalde beroepen zoals slopers en asbestverwijderaars die vanwege hun professie regelmatig met asbest in aanraking komen. Onder deze risicogroepen zullen de afvalinzamelaars niet echt een prominente plaats innemen terwijl ook hier de kennismaking met deze gevaarlijke delfstof heel reëel is. 

Het grootste gevaar voor deze beroepsgroep ligt naar mijn mening in het ‘niet weten’ dat ergens asbest in is verwerkt. De meeste inzamelbedrijven zijn zich er hier wel van bewust als het gaat om het ophalen van grof afval, zodat dan ook veel van de personen die zich hiermee bezighouden met goed gevolg de zogenaamde “asbestherkenningscursus” hebben afgesloten. Ook het personeel dat zorgdraagt voor de acceptatie van afval bij afvalverbrandingsinstallaties, is in de regel prima op de hoogte van de risico’s en de manieren om deze risico’s klein te houden. De echte risico’s liggen bij mijn weten bij de gewone vuilophalers, die niet (kunnen) weten wat zich in een zak of minicontainer bevindt en die dergelijk afval de hele dag door in hun ophaalwagen samenpersen, alvorens het weg te rijden naar de vuilverbrander. Het kan haast niet anders dat op deze manier veel asbesthoudend afval wordt verwerkt zonder dat iemand maar iets in de gaten heeft gehad. Met collega’s heb ik al vaker overleg gevoerd met betrekking tot het risico van besmetting (contaminatie) van vuilnisauto’s en ondergrondse containers en de gevolgen volgens de wet- en regelgeving. De “worst case scenario’s” beperkten zich meestal tot de ramp dat een chauffeur pas bij het lossen van een ondergrondse container merkt dat er zich asbest in bevindt. Hiermee is de gehele lading gecontamineerd en moet dus onder condities worden verwijderd. Over het probleem om van het met asbest verontreinigd huisvuil af te komen, praat ik dan nog niet eens. In Rotterdam maakte ik enkele maanden geleden de overtreffende trap van het “worst case scenario” mee toen de lading van een huisvuilwagen in een afvalschuit werd gestort en pas op dat moment werd ontdekt dat er meegekraakte asbesthoudende branddeuren tussen het afval zaten.


Kunt u het zich voorstellen: een schip met een inhoud van 180 m3 dat niemand wil hebben!


Gelooft u mij, ik haal pas opgelucht adem als alle asbesthoudende producten in het afvalstadium terecht zijn gekomen en dan bedoel ik via de normale kanalen met goed getrainde mensen én …..terug in de grond.
 


Mr. R.L.A. Lamée is directeur van het adviesbureau Tricert Support in Boven-Leeuwen en columnist van Afvalgids.


 

 

Dagelijks op de hoogte zijn van het laatste nieuws uit de afvalbranche! Klik hier voor een proefabonnement!


Disclaimer:Hoewel aan de informatie op Afvalgids.nl, en in de Afvalgids persoonlijke nieuwsbrief, de grootst mogelijke zorg wordt besteed, kunnen hieraan op geen enkele wijze rechten worden ontleend.