Ik
ben jarenlang milieucoördinator geweest. Onder andere bij een grote
chemische fabriek en bij een gemeentelijke afvalinzameldienst.
In deze tijd heb ik aan den lijve ondervonden dat je als
boodschapper van het slechte nieuws wordt onthoofd, tenzij je
uiterste houdbaarheidsdatum nog niet is overschreden.
Het probleem is over het algemeen simpel te verklaren: tussen de
overdaad aan regels, convenanten en (te behalen) certificaten aan de
ene kant en het praktische - op geld georiënteerde - ondernemen aan
de andere kant schuilt een leegte. Een schemerig gebied dat eenzaam
bewandeld wordt door milieu- en arbocoördinatoren.
Slecht nieuws brengen werkt ook nog eens twee kanten op: zowel naar
instanties zoals milieuvergunningverleners en brandweer, als naar
het management van de organisatie waar de betreffende ongelukkige
coördinatoren werkzaam zijn.
Overheidsambtenaren en auditors kunnen wel leven met al dat slechte
nieuws, zij hebben ten slotte wet- en regelgeving achter zich staan.
Management wordt echter meestal alleen afgerekend op geld en wil dan
ook vaak niets weten van geld kostende problemen.
De link met afval in deze column haal ik niet uit
mijn werkzaamheden bij eerder genoemde afvalinzamelaar, maar - wat
minder voor de hand liggend - uit mijn tijd als milieumens bij een
chemische fabriek.
Het betrof hier slechts afval uit eigen inrichting, maar daar hadden
ze er dan ook wel zat van. Het kantoorpersoneel produceerde grote
hoeveelheden papierafval, de waterzuivering aanzienlijke
hoeveelheden slib en - u voelt de overtreffende trap al aankomen -
de productielijnen creëerden een onvoorstelbare hoeveelheid
afgekeurd product.
Ik miste eigenlijk maar één specifieke afvalstroom: verzadigd kool
uit de aktief koolfiters. Het leek mij en mijn collega gewoon niet
logisch dat bij het regelmatig wegspoelen van hele vrachtladingen
afgekeurd product door het bedrijfsriool, het middels een overheids/milieuvoorschrift
geplaatste filter niet met dezelfde regelmaat van de klok zou moeten
worden vervangen.
Het betrof hier overigens een zeer milieugevaarlijk goedje dat moest
worden opgevangen in een koolfilter omdat het alternatief opvang in
het menselijk lichaam zou zijn.
Onze bevindingen en het bijbehorende onderzoeksvoorstel om de
oorzaak te achterhalen werden koel ontvangen door het
middelmanagement, maar de temperatuur daalde tot ver onder het
vriespunt toen de zaak bij het topmanagement werd neergelegd. Voor
de inzet van de met ademlucht toegeruste ploeg kregen we de handen
nog wel op elkaar, maar het stilleggen van een productielijn van 500
meter voor (uiteindelijk) 5 uur was nieuws waar niemand op bleek te
wachten.
De vrieskou hield aan en deed mij besluiten warmere oorden op te
zoeken. De functie van milieucoördinator bleek naderhand ingevuld
door een geschikter type; iemand die begreep dat productie boven
alles gaat.
Ik heb nog een korte periode met oud-collega's contact proberen te
houden, maar ben daar uiteindelijk mee opgehouden.
Het praat zo moeilijk zonder hoofd.
Mr. R.L.A. Lamée is directeur van het adviesbureau
Tricert Support in Boven-Leeuwen en columnist van Afvalgids.
|